Werkelijk rendement met fiscaal partner en schulden
Op deze pagina
Werkelijk rendement en fiscaal partner: heb je een fiscaal partner, dan bereken je het werkelijk rendement van jullie samen en verdeel je het daarna. Die verdeling volgt wat jullie in de aangifte deden, en de Belastingdienst vergelijkt per persoon. Daarnaast spelen schulden vaak een rol: de rente op een lening in box 3 gaat volledig van je werkelijk rendement af. Op deze pagina lees je hoe beide werken, met voorbeelden van de Belastingdienst.
Voor 2021 moet je opgaaf uiterlijk 31 december 2026 binnen zijn.
Daarna is de termijn van vijf jaar voorbij. Bekijk welke jaren je nog kunt doorgeven.
Werkelijk rendement en fiscaal partner: zo werkt de verdeling
- Samen tellen. Je telt het werkelijk rendement van jullie beiden bij elkaar op, inclusief dat van jullie minderjarige kinderen. Dat is het gezamenlijke werkelijk rendement.
- Verdelen zoals in de aangifte. Ieder krijgt een deel in dezelfde verhouding als jullie de grondslag sparen en beleggen in de aangifte verdeelden. Verdeelden jullie niets, dan krijgt ieder de helft.
- Per persoon vergelijken. Het deel van elk van jullie wordt vergeleken met diens eigen fictieve rendement. Wie lager uitkomt, krijgt het lagere bedrag. De ander houdt het fictieve rendement.
- Nooit onder nul. Een negatief deel wordt € 0.
Het formulier zegt het zelf: “U kunt dit formulier voor uzelf of voor u beiden insturen. U vult altijd het werkelijk rendement in van u en uw fiscale partner samen.”
Voorbeeld: verdeling 40/60 (memorie van toelichting)
Jullie gezamenlijk werkelijk rendement is € 10.000 en jullie verdeelden de grondslag 40/60.
| Partner 1 (40%) | Partner 2 (60%) | |
|---|---|---|
| Deel werkelijk rendement | € 4.000 | € 6.000 |
| Eigen fictief rendement | € 5.000 | € 7.500 |
| Uitkomst | Lager, dus € 4.000 | Lager, dus € 6.000 |
Beiden komen lager uit en krijgen dus allebei tegenbewijs.
Voorbeeld: alles bij één partner (Belastingdienst, 2025)
Jullie hebben € 100.000 spaargeld met € 2.000 rente en beleggingen die stegen van € 150.000 naar € 151.000. In de aangifte gaf één partner de hele grondslag op, de ander € 0. Het werkelijk rendement is € 2.000 + € 1.000 = € 3.000, helemaal voor de partner met 100%. Diens fictieve rendement was volgens de Belastingdienst € 5.598. Dat scheelt ongeveer 36% × € 2.598 = € 935.
Het gezamenlijk fictief rendement in de brief
In de brief en het formulier staat een gezamenlijk fictief rendement. Dat is jullie gezamenlijke grondslag, gedeeld door je eigen deel daarvan, maal je eigen fictieve rendement.
Over 2017 tot en met 2022 kan dat bedrag per partner verschillen, omdat de oude berekening met schijven werkte. Voorbeeld van de Belastingdienst (2022): het gezamenlijk fictief rendement is € 8.120 voor partner 1 en € 9.198 voor partner 2. Bij een gezamenlijk werkelijk rendement van € 8.500 en een verdeling 40/60 krijgt alleen partner 2 herstel: € 5.100 is lager dan diens € 5.519. Het deel van partner 1 is € 3.400. Dat is niet lager dan diens eigen voordeel van € 3.248, dus partner 1 houdt het fictieve rendement van € 3.248.
Verschillen de bedragen, gebruik dan het hoogste. Voor 2021 en 2022 staat dat ook in het formulier: “Zijn de bedragen ongelijk, neem dan het bedrag van het hoogste gezamenlijk fictief rendement over.” Herken je het bedrag in je brief niet, kijk dan op de pagina van de Belastingdienst daarover (zie bronnen).
Kun je de verdeling aanpassen?
Niet in het formulier. Herverdelen gaat via een gewijzigde aangifte of een brief, zolang de aanslagen niet onherroepelijk vaststaan. De Belastingdienst schrijft daarover: binnen 6 weken na de datum van je definitieve aanslag. Het advies van de Belastingdienst is om eerst de uitkomst van je opgaaf af te wachten en daarna pas te herverdelen.
Let op: verander je de verdeling, dan verandert het deel van het werkelijk rendement mee. De rekentool laat zien of een andere verdeling gunstiger is, maar herverdelen blijft een aparte stap bij de Belastingdienst.
Uit elkaar of samen gaan wonen in het jaar
- Kozen jullie voor fiscaal partnerschap voor het hele jaar, dan vullen jullie het gezamenlijke werkelijk rendement in.
- Zo niet, dan geeft ieder het eigen werkelijk rendement op.
Je partnerstatus in het formulier moet gelijk zijn aan die in je aangifte. Anders volgt een afwijzing.
Minderjarige kinderen
Het werkelijk rendement van een minderjarig kind hoort bij de ouder met gezag. Hebben beide ouders gezag, dan krijgt ieder de helft. Tel de rente en waardeverandering op de rekeningen van je kinderen dus mee.
Schulden in box 3: zo telt de rente mee
Bij werkelijk rendement telt van je schulden alleen de rente die je in het jaar betaalde. Die gaat volledig van je rendement af:
- zonder schuldendrempel: die drempel geldt alleen bij het fictieve rendement;
- kasstelsel: de rente telt in het jaar van betaling;
- ook debetrente op een rekening die rood stond.
Niet mee tellen:
- je eigenwoningschuld, want die valt in box 1.;
- belastingschulden, behalve een schuld voor erfbelasting;
- schulden waarvoor je een persoonsgebonden aftrek hebt;
- leningen tussen jou en je fiscaal partner: die hoeven sinds 2023 niet meer in de aangifte.
Boeterente is een kostenpost en niet aftrekbaar. Bij een schuld in vreemde valuta telt ook het koersresultaat mee.
Voorbeeld: een schuld die het verschil maakt (Belastingdienst, 2025)
Fiscale partners, ieder de helft, hebben € 150.000 spaargeld met € 2.000 rente, beleggingen die stegen van € 75.000 naar € 77.000, en een tweede woning voor eigen gebruik waarvan de WOZ-waarde steeg van € 200.000 naar € 205.000. Op een lening van € 100.000 betaalden ze € 5.000 rente.
Het werkelijk rendement is € 2.000 + € 2.000 + € 5.000 − € 5.000 = € 4.000, dus € 2.000 per persoon. Het eigen gebruik van de woning telt in 2025 als nihil. De Belastingdienst noemt hier een fictief rendement van € 6.571 per persoon. Volgens onze controle geeft het eigen forfaitvoorbeeld van de Belastingdienst met dezelfde bezittingen € 5.135 per persoon. De besparing ligt daarmee tussen ongeveer € 1.128 en € 1.645 per persoon. Juist daarom is het bedrag op je eigen aanslag leidend.
Geld lenen binnen de familie
Leende je geld uit aan of van familie, reken dan met een rente die tussen onafhankelijke partijen gebruikelijk is. In een voorbeeld uit de memorie van toelichting leent iemand € 25.000 tegen 28% rente (€ 7.000). Marktconform is 8%, dus mag er maar € 2.000 als rente meetellen. Scheld je een lening om privéredenen kwijt, dan telt dat als aflossing en niet als verlies.
Meer over de berekening staat op werkelijk rendement berekenen, over vastgoed op onroerend goed en over het formulier op opgaaf werkelijk rendement. De rekentool rekent de verdeling voor jullie allebei uit.
Werkelijk Rendement Rapport
De volledige berekening per jaar, per rekening en per persoon, met invulhulp per veld van het formulier, onderbouwing en pdf.
€ 49 eenmalig, incl. btw. Voor je hele huishouden en alle jaren.
Bronnen
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.17, 5.25 en 5.27
- Memorie van toelichting, Kamerstuk 36 706, nr. 3 (voorbeelden 5 en 7)
- Belastingdienst — Rekenvoorbeelden berekening werkelijk rendement
- Belastingdienst — Bedrag gezamenlijk fictief rendement in de brief
- Belastingdienst — Box 3-inkomen opnieuw verdelen
- Belastingdienst — Berekening box 3-inkomen 2025 (forfaitvoorbeeld partners)
- Belastingdienst — Veelgestelde vragen opgaaf werkelijk rendement
- Forum Fiscaal Dienstverleners — partners, schulden en kwijtschelding
Veelgestelde vragen
Hoe wordt werkelijk rendement verdeeld tussen fiscale partners?
In dezelfde verhouding als jullie de grondslag sparen en beleggen in de aangifte verdeelden. Verdeelden jullie niets, dan krijgt ieder de helft. Daarna vergelijkt de Belastingdienst per persoon.
Moeten mijn partner en ik allebei een formulier indienen?
Dat hoeft niet. Het formulier zegt: “U kunt dit formulier voor uzelf of voor u beiden insturen.” Je vult altijd het werkelijk rendement van jullie samen in.
Kunnen we de verdeling in het formulier aanpassen?
Nee. Herverdelen gaat via een gewijzigde aangifte of een brief, zolang de aanslag niet onherroepelijk vaststaat. De Belastingdienst raadt aan eerst de uitkomst van je opgaaf af te wachten.
Wat is het gezamenlijk fictief rendement?
Het bedrag in je brief: de gezamenlijke grondslag gedeeld door je eigen deel, maal je eigen fictieve rendement. Verschilt het per partner, gebruik dan het hoogste om te bepalen of indienen zin heeft.
Telt de rente op mijn hypotheek mee?
Niet de rente op je eigenwoningschuld, want die valt in box 1. Wel de rente op een lening in box 3, bijvoorbeeld voor een tweede woning.
Geldt de schuldendrempel bij werkelijk rendement?
Nee. Bij werkelijk rendement gaat alle betaalde rente op box 3-schulden van je rendement af, zonder drempel.
Telt het vermogen van mijn kinderen mee?
Ja, als ze minderjarig zijn. Hun werkelijk rendement hoort bij de ouder met gezag, of voor de helft bij beide ouders.